Laat ik maar bij het begin beginnen. Maar ‘waar’ begint het? Mei 2012. Na bijna 41 weken zwangerschap en een zware bevalling wordt onze lieve zoon geboren. 4250 gram, 50 cm. en kerngezond. Hij ontwikkelt zich de eerste 14 maanden van zijn leven ‘volgens het boekje’. Is zeer gericht op mensen, lacht heel veel. Is motorisch vrij vlot en de verhalen die je leest en hoort van ouders met een autistisch kind is dat ze altijd al een vermoeden hadden dat er ‘iets’ aan de hand was, het kind niet van knuffelen en aanraking hield, anders was, herkennen wij totaal niet.

Het eerste jaar passen de oma’s op als mijn man en ik beide aan het werk zijn. Rond zijn 1e verjaardag vinden we het fijn als zoonlief ook in contact komt met andere kindjes waardoor we besluiten dat hij 1 dag per week naar het kinderdagverblijf zal gaan. Zoonlief heeft moeite met wennen. Zal het aan 1 dag per week liggen? Komt het niet snel genoeg terug? Iets met ritme? Een eyeopener dat hij moeite heeft met nieuwe situaties. Maar met de lieve leidsters moet dit goed komen.

Als zoonlief 14 maanden oud is stagneert zijn ontwikkeling. De aanzet om te gaan praten stopt. De woordjes mamamama….papapapapa…. horen we niet meer. Hij begint een lastige eter te worden, wordt kieskeurig. Heeft moeite met stilzitten. Is vaak ongeduldig. Slapen gaat moeizaam. Hij is extreem prikkelgevoelig en moeilijker te bereiken. Ineens was het anders of ging het geleidelijk? Ik weet het niet te zeggen. Met veertien maanden was er een omslagpunt, dat wel.

Een onzekere en moeilijke tijd breekt aan net nadat ik erachter kwam dat ik zwanger was van onze dochter. Blij en gelukkig met de komst van ons tweede kindje en aan de andere kant de opkomende zorg van de ontwikkeling van zoonlief die figuurlijk zo stil staat.

Ik deel mijn zorg met de huisarts en we besluiten een traject met diverse onderzoeken in te gaan. Artsen, logopedisten en psychologen hebben zoonlief geobserveerd en daar, inmiddels was ik hoogzwanger van onze dochter kwam de diagnose… autisme.

Maar als ik terug denk aan mijn ventje die zijn zomerjasje niet aan wilde omdat de stof van het jasje heel glad was en hij dit niet prettig vond en dat hij als het enige kindje op de babyreünie zich terugtrok in de keuken omdat hij de drukte niet fijn vond, zijn er misschien toch tekenen geweest.

Zoveel vragen en geen antwoorden. ‘Allemaal moeilijk te zeggen’ en ‘we moeten maar zien wat lukt’ is wat wij te horen kregen. Prognoses? Een toekomstbeeld? Onzeker.. maar de zin ‘een diagnose op zo’n jonge leeftijd zegt wel wat…’zal ik nooit vergeten.

Net na zijn tweede verjaardag neemt zoonlief afscheid op het kinderdagverblijf. Met het geluk van een klein groepje en de liefdevolle aandacht en zorg van- in het bijzonder- ja dames ik ga jullie noemen:) : Drifa, Milou en Kim is zoonlief een jaar op het kdv geweest. Maar het lukt niet meer. De prikkels zijn te veel. Oma’s springen in waar wij opzoek gaan naar een andere plek voor hem waar hij zich op zijn manier en in zijn tempo kan gaan ontwikkelen. Want ontwikkeling zit erin, achter die blauwe kijkers zit zoveel moois. Een bijzonder kind. Daar zal ik zelf ook nog heel veel van leren!