Ik wil jullie eerst even bedanken voor de vele leuke reacties die ik op mijn vorige blog heb mogen ontvangen. Veel vooroordelen die voor heel veel mede auti-moeders en vaders zo herkenbaar zijn. Bedankt ook voor het delen van mijn blogpost! Hoe meer de wereld in, hoe meer kennis en begrip. Hoe meer bekendheid hoe minder (voor)oordelen. Onbekend maakt tenslotte onbemind.

Zo’n anderhalf jaar geleden was dat een deel van mijn missie. Ik wilde ons verhaal vertellen en open zijn. Taboes doorbreken en autisme een gezicht geven, hoewel autisme dus niet één gezicht heeft en dus letterlijk niet (direct) zichtbaar is, om maar weer even op mijn vorige blog terug te komen. 😊

Waar ik eigenlijk heen wil is dat ik/wij continue bezig zijn om zoonlief goed te observeren. Te kijken wat hij nodig heeft en met welke tools hij kan groeien en ontwikkelen. Door onze vakantie op Mallorca, de verjaardagsetentjes bij het door mij al vaak genoemde pannenkoekenrestaurant, de verjaardagen van de kinderen zelf en zusje die steeds vaker vriendjes en vriendinnetjes mee naar huis neemt om te spelen, merken wij, dat het Zoonlief heel erg goed doet om zich te omgeven met kinderen zonder beperking of stoornis.

Wij merken dat hij het heel erg leuk vindt om ‘mee te doen’ op zijn manier. Hij is vrolijk, vrij, ontspannen. Hij lijkt open te staan om van hen te leren. Tijd om daarop in te spelen…

Waar beginnen we? Zonder twijfel zijn wij nog steeds heel blij met het kdc en zit hij daar helemaal op zijn plek. Wel zijn alle kindjes in zijn groep redelijk qua niveau en ontwikkeling hetzelfde, waarbij aan ‘elkaar optrekken’ iets minder van toepassing is. Mijn droom zou zijn dat er voor alle basisscholen uit het land in groep 3 / 4 een project is waarbij er in groepjes van twee kinderen een dag of twee/ drie meedraaien op een kdc groep. De kinderen van het kdc hebben zo altijd twee kindjes in de klas die op ‘gemiddeld’ niveau functioneren. Die kunnen praten en hen kunnen helpen met werkjes. Voor de kinderen zonder beperking zal het een hele belevenis zijn die vast veel indruk maakt. Waarbij ze zichzelf kunnen inzetten, wat kunnen leren over anders zijn, en er wellicht een zaadje in hun jonge jaren gepland wordt waar ze de rest van hun leven aan terug kunnen denken als het gaat over mensen met een beperking.

Wie weet, ooit op een dag zal dit gerealiseerd kunnen worden. Voor nu zijn we volop aan het bedenken hoe we dit op kleine schaal of beter gezegd voor zoonlief kunnen realiseren. Een manier vinden om hem wat vaker met enige regelmaat en structuur mee te laten draaien in de wereld zonder beperking. Omdat dit nog zo in het beginstadium zit wil en kan ik er nog niet zo over uitwijken maar uiteraard houd ik jullie op de hoogte als ik meer weet over de mogelijkheden.

Hoe mooi zou het zijn als we alle kinderen iets meer bij elkaar zouden kunnen brengen. Ieder met zijn eigen behoefte en mate van begeleiding maar wél mee kunnen doen. Op zijn of haar manier. Om ook te mogen proeven aan een wereld die soms zo ver weg is maar die de horizon voor alle partijen zo ontzettend verbreed.

Uiteindelijk zijn alle kinderen anders en net zo goed hetzelfde. Ze willen meedoen en wij gunnen ze het ‘kind’ zijn. Laten we ze dan alsjeblieft meedoen en kind zijn. Gewoon kind zijn. Met of zonder beperking.