Toen we de diagnose autisme en verstandelijke beperking van zoonlief op tweejarige leeftijd kregen, was dat iets waar we toen mee moesten dealen. Zusje was net geboren, en de reuring van een jong gezin was aan de orde van de dag. Tuurlijk zochten we gelijk naar een fijne plek voor zoonlief waar hij overdag kon zijn. Een plek waar hij zich kon ontwikkelen en waar hij zich veilig zou voelen. In de loop der jaren is dit enorm uitgebreid en hebben we een goed (zorg) netwerk opgebouwd.

Zoonlief wordt dit voorjaar 9. Sommige dingen gaan makkelijker naarmate hij ouder wordt, andere aspecten worden moeilijker. Regelmatig mijmer ik over de toekomst. En dan met name een plek voor zoonlief om te wonen als hij volwassen is. Wachtlijsten voor woongroepen kunnen jaren zijn, dus op termijn moeten we aan de bak om een fijne plek voor zoonlief te vinden. Voor later.

Maar wat is later? Luuk en ik hebben altijd gezegd dat we hopen dat zoonlief tot zijn 18,19, 20e thuis kan blijven wonen, en dan naar een woongroep verhuist. Soms als zoonlief slecht in zijn vel zit, agressief is en veel begeleiding nodig heeft, wordt dit een hele uitdaging. Andere momenten, als hij goed in zijn vel zit, rustig en vrolijk is, zeggen we weleens: ‘’zo kan hij wel voor altijd bij ons blijven wonen.’’ Dan hoop ik dat Luuk en ik ver in de 80 gezond mogen worden, en dan woont onze zoon van in de 60 nog bij ons in huis… zeker niet ideaal maar soms toch een wens.

Door persoonlijke omstandigheden, besef ik mij de laatste tijd meer dan ooit dat je moet genieten van de kleine dingen hoe klein die soms ook zijn. Dat het goed is over de toekomst na te denken en je ‘zaken’ te regelen, maar dat het leven ook hier en nu is.

Dat we genieten van elkaar en de dingen die er wél zijn in een tijd waarin ook veel onzeker en niét is.  

In de nabije toekomst ga ik voorzichtig informeren naar de mogelijkheden, wachtlijsten en zorg voor later voor zoonlief. Stap voor stap. Zorgen voor nu en zorgen voor later.